
Al het goede van de schepping moet aan alle mensen ten goede komen, zo zegt het Concilie in Gaudium et Spes. Het gaat om het welzijn van allen. Als het alleen zou gaan om eigenbelangen, van staten (“America first”), van groepen, enkelingen, dan komt er een oorlog van allen tegen allen.
Het gaat om rechtvaardige verhoudingen, om een rechtvaardigheid “door de liefde vergezeld”, zegt het Concilie, in de geest van pausen als Pius XII en Johannes XXIII. In zijn sociale encycliek Caritas in veritate uit 2009 gaat Benedictus XVI uitvoerig in op gerechtigheid en algemeen welzijn. Het eerste is de liefde, zegt hij. Zij overstijgt de gerechtigheid.
De liefde brengt mij ertoe de ander te geven wat hem “op grond van zijn bestaan en zijn werken toekomt”. De gerechtigheid is in de woorden van Paulus VI “het minimum” van de liefde. Er moeten natuurlijk rechtvaardige sociale en economische verhoudingen zijn, ook tussen de volken onderling.
Dit artikel is niet gevonden
Maar bij de liefde, zegt Benedictus XVI, gaat het om meer dan vastgelegde rechten en plichten. Het gaat allereerst, zegt hij, om “relaties die worden getekend door belangeloze vrijgevigheid, barmhartigheid en saamhorigheid”, dus om de naastenliefde, die de liefde van God zelf openbaart. In de sociale leer van de Kerk staat en valt alles met de liefde, met de menselijke relaties dus.
Doe alles wat je doet met de liefde. In veel van zijn preken waarschuwt paus Benedictus XVI tegen een overspannen activisme van mensen, ook priesters, die alleen maar met plichten, acties en inzet bezig zijn, en te weinig handelen met de liefde. Paus Franciscus wijst in Fratelli tutti (2020) op Franciscus van Assisi, op zijn “manier van leven”.
Overal waar hij kwam “zaaide hij vrede en stapte hij schouder aan schouder met wie arm, aan zijn lot overgelaten, gebrekkig en uitgestoten was”. Liefde in het sociale leven veronderstelt een houding, een gezindheid, die verder gaat dan de gerechtigheid alleen, dan “koude” verplichtingen en opdrachten.
De vruchten van de Heilige Geest drukken volgens paus Franciscus een gemoedstoestand uit, een kwaliteit van leven, die “welwillend, zachtaardig en troostend” is (Gal. 5,22). In onze maatschappij, zegt de paus, moet er weer tijd en aandacht vrijgemaakt worden, tussen de drukte en de hectiek van de dag.
Af en toe, zegt hij, verschijnt er “als bij wonder een vriendelijk persoon die bereid is om zijn angsten en drukke bezigheden opzij te schuiven om aandacht te schenken, te glimlachen, een bemoedigend woord te spreken, te luisteren te midden van zoveel onverschilligheid”.
Deze pagina is niet gevonden
Die vriendelijkheid, zegt de paus, is veel meer dan een “oppervlakkige burgerlijke deugd”. Vriendelijkheid moet opnieuw “gecultiveerd worden”, zodat er een andere samenleving ontstaat, met andere levensstijlen, relaties, en manieren waarop je ideeën vergelijkt, bespreekt, en zo consensus zoekt.
Vriendelijkheid opent nieuwe wegen “waar vijandigheid en conflict alle bruggen zouden verbranden”. Opvolger paus Leo XIV spreekt steeds over bruggen bouwen. Dat vraagt ook om vriendelijkheid. Paus Johannes XXIII noemde vriendelijkheid een eerste uitvloeisel van de liefde!
Er zijn geen artikelen gevonden