Een traditie van eeuwen­ tegenover de waan van de dag

Lees al vanaf 0,20 p/d

Kan ik gastvrij zijn ondanks angst, onmacht of onverschilligheid?

Beeld ter illustratie.
Foto: Ehimetalor Akhere Unuabona - Unsplash

Het asielwetsvoorstel is onderdeel van de bredere tendens om onszelf tegen de ander te beschermen. Maar het Evangelie daagt ons uit om een andere weg te nemen en de liefde van Christus concreet te maken.

Laatst werd er ’s avonds aangebeld bij de pastorie. Ik verwachtte niemand en besloot de bel te negeren. Het gebeurt wel vaker: iemand vraagt om een treinkaartje, iets te eten of een slaapplek.

Bij de tweede bel ging ik toch stiekem uit het raam kijken. Een man met een rugzak stond voor de deur. In alle eerlijkheid: ik had er geen zin in.

Afpoeieren

Even later kreeg ik een bericht via het noodnummer van de kerk. De man had zijn hulpvraag doorgestuurd. Hij bleek een missionaris te zijn, op doorreis door Nederland, op zoek naar onderdak.

Mijn enthousiasme was nog steeds niet groot, maar ik besloot hem in elk geval netjes te woord te staan en hem dan af te poeieren. Hij vroeg of hij op het kerkplein mocht slapen. Ik overwoog het probleem te verplaatsen en belde het klooster in de buurt – zij hebben in ieder geval een bed, redeneerde ik.

Maar de reactie van de zuster was eerlijk: “Ik lig al in bed.” Afschuiven was geen optie meer. Dus besloot ik hem binnen te laten. In de keuken kon hij droog en warm liggen, en ik schonk hem een kop koffie in.

Vol schuldgevoel

We raakten in gesprek. Hij vertelde dat hij eens per jaar een paar weken rondtrekt om het Evangelie te leven en mensen te ontmoeten. Het enige wat hij bij zich had: een slaapzak, wat kleine spullen en een knuffel als mascotte.

Wat je hebt gedaan voor de minste van mijn broeders, dat heb je voor Mij gedaan.

De volgende ochtend belde de zuster – eigenlijk vol schuldgevoel, omdat ze iemand de deur had gewezen. Ik kon haar juist bedanken: door die afwijzing had ik de kans gekregen om gastvrijheid te betonen. Via Instagram volgde ik zijn reis. Steeds meer bekenden doken op in zijn berichten. We hadden iets gemeen: de blijdschap dat we deze man een stukje verder op weg hadden geholpen.

Tegelijkertijd voel ik ook schaamte. Mijn eerste reflex was negeren en afwijzen. Zoals ik zo vaak doe als iemand op straat iets vraagt.

‘Voor Mij gedaan’

Ik moest aan hem denken toen ik las over het recente wetsvoorstel waarin hulp aan mensen zonder papieren strafbaar wordt. Al snel deden berichten de ronde dat zelfs het geven van een boterham niet meer zou mogen. Er wordt gezegd dat de soep niet zo heet gegeten wordt, maar dat dit juridisch verankerd dreigt te worden, is ernstig.

In dit wetsvoorstel zie ik een bredere tendens: de neiging om onszelf te beschermen tegen de ander. Uit angst, onmacht of onverschilligheid.

https://www.kn.nl/donaties/

Maar de evangelische boodschap daagt ons uit tot een andere weg. De liefde mag centraal staan. Of zoals Jezus het zegt in Matteüs 25: “Wat je hebt gedaan voor de minste van mijn broeders, dat heb je voor Mij gedaan.”

Spiegel

De missionaris aan mijn deur kwam niet alleen om hulp vragen – hij hield me een spiegel voor. Kan ik gastvrij zijn als het me niet uitkomt? Kan ik mijn angst, moeheid en wantrouwen overstijgen?

Dat is wat Christus van ons vraagt. Zo wordt zijn liefde concreet. Medemenselijkheid mag nooit strafbaar zijn.

Sander Verschuur is parochievicaris van de Heilige Theresia van Ávilaparochie in Dordrecht en omgeving.

Dit artikel delen:

Steun katholieke journalistiek

Belangrijker dan ooit:
steun katholieke journalistiek

Ontvang het laatste nieuws in je mailbox

© Katholiek Nieuwsblad | 2026