
Tijdens het Regina Caeli van zondag 12 april legde paus Leo XIV uit waarom het voor je geloof zo belangrijk is om elke zondag naar de Mis te gaan.
We lezen in het Evangelie over de verschijning van de verrezen Jezus aan de apostel Tomas (vgl. Joh. 20,19-31). Dit gebeurt acht dagen na Pasen, terwijl de gemeenschap bijeen is, en daar ontmoet Tomas de Heer, die hem uitnodigt de tekenen van de nagelen te bekijken, zijn hand in de wond van zijn zijde te leggen en te geloven (vgl. vers 27).
Het is een scène die ons doet nadenken over onze ontmoeting met de verrezen Jezus. Waar kunnen we Hem vinden? Hoe kunnen we Hem herkennen? Hoe kunnen we geloven? Johannes, die over deze gebeurtenis vertelt, geeft ons duidelijke aanwijzingen: Tomas ontmoet Jezus op de achtste dag, te midden van de samengekomen gemeenschap, en herkent Hem aan de tekenen van zijn offer.
Dit artikel is niet gevonden
Het is zeker niet altijd gemakkelijk om te geloven. Dat was het niet voor Tomas en het is het ook niet voor ons. Het geloof moet gevoed en ondersteund worden. Daarom nodigt de Kerk ons op de ‘achtste dag’, ofwel elke zondag, uit om te doen zoals de eerste leerlingen: samenkomen en gezamenlijk de Eucharistie vieren.
Daarin luisteren we naar de woorden van Jezus, bidden we, belijden we ons geloof, delen we de gaven van God in naastenliefde, bieden we ons leven aan in vereniging met het offer van Christus en ontvangen we zijn Lichaam en Bloed, om vervolgens zelf getuigen te worden van zijn Verrijzenis.
'In een wereld die zoveel behoefte heeft aan vrede, moeten we meer dan ooit trouw zijn in onze eucharistische ontmoeting met de Verrezene'
De zondagse Eucharistie is onmisbaar voor het christelijk leven. Ik sta op het punt te vertrekken naar Afrika, en juist enkele martelaren van de Afrikaanse Kerk uit de eerste eeuwen, de martelaren van Abitene, hebben hierover een prachtig getuigenis nagelaten.
Toen hun de kans werd geboden hun leven te redden als zij zouden afzien van het vieren van de Eucharistie, antwoordden zij dat zij niet konden leven zonder de dag van de Heer te vieren. Daar wordt ons geloof gevoed en groeit het.
Door de Eucharistie worden ook onze handen getuigen van zijn aanwezigheid, van zijn barmhartigheid, van zijn vrede, in de tekenen van arbeid, offers, ziekte en het verstrijken van de jaren, die er vaak in gegrift staan, zoals in de tederheid van een streling, een handdruk of een gebaar van naastenliefde.
Dierbare broeders en zusters, in een wereld die zoveel behoefte heeft aan vrede, roept dit ons meer dan ooit op om trouw en standvastig te zijn in onze eucharistische ontmoeting met de Verrezene, om van daaruit opnieuw op weg te gaan als getuigen van naastenliefde en brengers van verzoening. (Vertaling: Susanne Kurstjens)
Er zijn geen artikelen gevonden