
Er bestaat geen ideale Kerk, zei paus Leo XIV tijdens de algemene audiëntie van 4 maart. Alleen een Kerk bestaande uit mensen die het goede willen doen, maar ook fouten maken. Maar juist daarin is God aan het werk.
We verdiepen ons vandaag verder in Lumen gentium, de dogmatische constitutie van het Tweede Vaticaans Concilie over de Kerk.
In het eerste hoofdstuk, waar men vooral wil antwoorden op de vraag wat de Kerk is, wordt zij beschreven als “één alomvattende werkelijkheid”. In het Latijn duidt het woord “alomvattend” op de geordende eenheid van verschillende elementen binnen één en dezelfde werkelijkheid.
Daarom kan Lumen gentium stellen dat de Kerk een organisme is waarin de menselijke en de goddelijke elementen samen bestaan.
Dit artikel is niet gevonden
De eerste dimensie is onmiddellijk waarneembaar, omdat de Kerk een gemeenschap is van mannen en vrouwen die de vreugde en het werk delen van het christen-zijn, met al hun kwaliteiten en gebreken.
Toch is dit aspect niet voldoende om de ware aard van de Kerk te beschrijven, want zij bezit ook een goddelijk element. Deze bestaat niet uit een ideale volmaaktheid of een geestelijke superioriteit van haar leden, maar uit het feit dat de Kerk voortkomt uit Gods liefdesplan voor de mensheid, verwezenlijkt in Christus.
Dit artikel is niet gevonden
De Kerk is daarom tegelijk aardse gemeenschap en mystiek lichaam van Christus, zichtbare vergadering en geestelijk mysterie, werkelijkheid aanwezig in de geschiedenis en pelgrimerend volk op weg naar de hemel.
De menselijke en de goddelijke elementen vullen elkaar harmonieus aan, zonder dat de ene de andere overheerst. Om deze kerkelijke toestand te verhelderen verwijst Lumen gentium naar het leven van Christus.
‘Het vlees van Christus, zijn gelaat, zijn gebaren en zijn woorden openbaren zichtbaar de onzichtbare God’
Wie Jezus ontmoette, ervoer zijn menselijkheid: zijn ogen, zijn handen, het geluid van zijn stem. Wie besloot Hem te volgen, werd juist aangetrokken door de ervaring van zijn gastvrije blik, de aanraking van zijn zegenende handen, zijn woorden van bevrijding en genezing.
Tegelijk echter openden de leerlingen zich, door achter die Mens aan te gaan, voor de ontmoeting met God. Het vlees van Christus, zijn gelaat, zijn gebaren en zijn woorden openbaren immers zichtbaar de onzichtbare God.
In het licht van de werkelijkheid van Jezus kunnen we nu terugkeren naar de Kerk: wanneer we haar van dichtbij bekijken, ontdekken we er een menselijke dimensie in, bestaande uit concrete personen die soms de schoonheid van het Evangelie tonen en andere keren, zoals iedereen, worstelen en fouten maken.
Toch openbaren zich juist door haar leden en haar beperkte aardse aspecten de aanwezigheid van Christus en zijn heilswerk. Er bestaat geen ideale en zuivere Kerk, los van de aarde, maar alleen de ene Kerk van Christus, vleesgeworden in de geschiedenis.
Dit artikel is niet gevonden
Daarin bestaat de heiligheid van de Kerk: in het feit dat Christus in haar woont en zich blijft schenken door de kleinheid en broosheid van haar leden. Wanneer wij dit blijvende wonder aanschouwen dat zich in haar voltrekt, begrijpen wij de ‘methode van God’: Hij maakt zich zichtbaar door de zwakheid van zijn schepselen en blijft zich openbaren en handelen.
Dit maakt ons ook vandaag in staat de Kerk op te bouwen: niet alleen door haar zichtbare vormen te organiseren, maar door dat geestelijke gebouw op te richten dat het lichaam van Christus is, door de gemeenschap en de liefde onder ons. (Vertaling: Susanne Kurstjens)
Er zijn geen artikelen gevonden