fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Nieuws

Openbaar Ministerie wil Demmink niet verder vervolgen

KN Redactie 30 juni 2016
image
De affaire Demmink bereikte zelfs Amerikaanse en Russische media.

Het Openbaar Ministerie (OM) laat via een persbericht weten dat het wil afzien van verdere vervolging van voormalig ambtenaar mr. Joris Demmink.

Het strafrechtelijk onderzoek tegen hem heeft, behalve eerder gedane aangiften, geen bewijs opgeleverd voor betrokkenheid bij strafbare feiten. Het OM heeft het Gerechtshof Den Haag verzocht hierin te bewilligen. Deze uitkomst werd al enige tijd verwacht.

Rijksrecherche

Naar aanleiding van een uitspraak van het gerechtshof, waar een klacht ex artikel 12 was ingediend tegen het niet-vervolgen van Demmink, begon het OM in februari 2014 alsnog aan een strafrechtelijk onderzoek naar de betrokkenheid van Demmink bij verkrachting in de jaren 1995-1997 van twee – destijds – minderjarige jongens in Turkije. Dit onderzoek is uitgevoerd door de Rijksrecherche.

Getuigen

Op verzoek van het OM opende in 2014 ook de rechter-commissaris bij de rechtbank Den Haag een onderzoek. De rechter-commissaris heeft een uitvoerig onderzoek gedaan door getuigen te horen en documenten te laten onderzoeken. Ook is Demmink door de rechter-commissaris verhoord.

Turkse wetgeving

Aan Turkije zijn meerdere rechtshulpverzoeken gedaan, waaronder het horen van de door het Hof genoemde getuigen. De rechter-commissaris en de officier van justitie zijn in 2014 en 2015 ook meerdere keren zelf naar Turkije geweest om de rechtshulpverzoeken toe te lichten. "Alle inspanningen van de Nederlands autoriteiten ten spijt", aldus het OM, konden de onderzoekshandelingen in Turkije niet worden uitgevoerd. Turkije heeft aangegeven dat de Turkse wetgeving daaraan in de weg staat.

Geen belastend materiaal

In het strafrechtelijk onderzoek is geen bevestiging gevonden van de eerder gedane aangiften. De conclusie van het OM luidt dat "het minutieus uitgevoerde onderzoek geen enkel belastend materiaal heeft opgeleverd" voor betrokkenheid van Demmink bij de beweerdelijke verkrachtingen.

Demmink ontkent

De belangrijkste bevinding uit het onderzoek van de rechter-commissaris en de Rijksrecherche is dat Demmink in de jaren 1995, 1996 en 1997 niet meerdere dagen achtereen aansluitend in Turkije is geweest. "Op basis van alle onderzoeksgegevens trekt het OM de conclusie dat de feiten waarvan aangifte is gedaan niet door Demmink zijn gepleegd." Demmink heeft steeds ontkend überhaupt in die jaren Turkije bezocht te hebben.

Oriënterend feitenonderzoek

Tegelijkertijd met het strafrechtelijk onderzoek is volgens het OM "een uitgebreid oriënterend feitenonderzoek ingesteld, waarbij de Rijksrecherche alle signalen van seksueel misbruik door Demmink heeft onderzocht". De conclusie van dit onderzoek luidt "dat niet gebleken is van enig vermoeden van strafbaar handelen door Demmink", aldus het OM.

Openbaar

Het OM heeft het gerechtshof gevraagd het bewilligingsverzoek in het openbaar te behandelen. Dit heeft te maken met het bijzondere karakter van de zaak, die ook in het buitenland stof deed opwaaien, vooral een hoorzitting over de zaak van het Helsinki Comité voor de mensenrechten in het Amerikaanse Congres.

Baybasin

Bovendien wordt de zaak vaak in verband gebracht met de veroordeling tot levenslang van Hüseyin Baybasin. Hiervan is inmiddels vastgesteld dat die op vervalst bewijsmateriaal tot stand is gekomen. Zijn vrijlating lijkt nog slechts een kwestie van tijd. Baybasin herhaalde zaterdag nog in NRC Handelsblad de stelling dat zijn onrechtmatige veroordeling een deal met Turkije was, in ruil voor het niet-vervolgen van Demmink.

Openbaarheid

Vanwege het publieke en spraakmakende karakter van de zaak Demmink vindt het OM dat de verdere procedure bij het gerechtshof er bij gebaat is als deze in de openbaarheid plaatsvindt. (KN/OM)