fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Nieuws

‘Potscherven duiden op vroegere datering Oude Testament’

KN Redactie 14 april 2016
image
Enkele van de beschreven scherven (foto: universiteit Tel Aviv)

“Een volle homer wijn, breng die morgen; kom niet te laat.” 

Dat bevel, geschreven op potscherven die zijn opgegraven bij de Dode Zee, laten niet alleen maar zien dat soldaten in het koninkrijk Juda omstreeks 600 voor Christus wel een slokje lustten (een ‘homer’, een Bijbelse maat, is zo’n 200-400 liter). Het zou ook wel eens de aangenomen ontstaanstijd van het Oude Testament kunnen vervroegen.

‘Behoorlijk verbazend’

Door met een geavanceerd computerprogramma zestien letters op potscherven te analyseren die gevonden zijn in een fort in Arad, Israël, hebben onderzoekers van de universiteit van Tel Aviv zes schrijvers geïdentificeerd, met inbegrip van de commandant van het fort en een lage kwartiermeester van het Judaïtische leger. “En ze schreven goed met bijna geen fouten”, vertelt de bekende Israëlische archeoloog Israel Finkelstein. Kennelijk was alfabetisering veel meer verspreid dan aangenomen, met mogelijk honderden geletterde mensen destijds in Juda, wat “echt behoorlijk verbazend” is, aldus Finkelstein.

Babylon

Experts hebben lang aangenomen dat er niet voldoende geletterdheid was voor de meerderheid van de Bijbelse teksten om geschreven te zijn voor 586 voor Christus, toen de hoofdstad van Juda, Jeruzalem, verwoest werd en de elites werden verbannen naar Babylon. Met andere woorden, deze teksten laten zien dat delen van het Oude Testament – met inbegrip van Jesaja, Amos, Hosea en delen van Genesis en Deuteronomium vroeger geschreven zouden kunnen zijn dan voorheen gedacht.

Onderwijssysteem

“Verschillende (Bijbelse) teksten verwijzen naar gebeurtenissen die het best overeenkomen met de werkelijkheid van de jaren voor de val van het koninkrijk Juda”, aldus Finkelstein. “Er moet destijds een of ander onderwijssysteem in Juda geweest zijn.” Omdat alle vormen van schrift verdwijnen na de verwoesting van Jeruzalem en pas honderden jaren later weer opduiken rond 200 voor Christus, concludeert hij dat “de eerste Judaïtische Bijbelse teksten het meest waarschijnlijk in Jeruzalem zijn opgeschreven door priesters en beambten in de entourage van de koning, mogelijk koning Josiah.” Sommige geleerden denken zelfs dat die eerder geschreven kunnen zijn in de negende en achtste eeuw voor Christus. (KN/Jerusalem Post/USA News)