fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Inspiratie

Paus: ‘Als christenen zijn we verantwoordelijk voor elkaar’

KN Redactie 23 augustus 2019
image
CNS Photo - Remo Casilli, Reuters

Tijdens de algemene audiëntie van 21 augustus sprak paus Franciscus over het delen van je bezit en van je tijd met anderen. “Liefde is de weg.”

Beste broeders en zusters, goedemorgen!

De christelijke gemeenschap ontstaat door de overvloedige uitstorting van de Heilige Geest en groeit door het gist van de broeders en zusters in Christus die samen delen. Het is de dynamiek van solidariteit die de Kerk opbouwt als Gods familie, waar de ervaring van koinonia centraal staat.

Wat betekent dat vreemde woord? Het is een Grieks woord dat betekent: ‘gemeenschap vormen’, ‘eenheid zijn’, ofwel een gemeenschap zijn en niet geïsoleerd blijven. Dat is de ervaring van de eerste christelijke gemeenschap: een eenheid zijn, delen, communiceren, deelnemen en je niet afsluiten.

Communie

In deze oorspronkelijke Kerk verwijst de koinonia, de gemeenschap, vooral naar het deelhebben aan het Lichaam en Bloed van Christus. Als we ter communie gaan, zeggen wij daarom “wij gaan ter communie”, wij treden binnen in de eenheid met Jezus en vanuit die eenheid met Jezus komen wij tot eenheid met onze broeders en zusters.

En die verbinding die je in de Heilige Mis maakt met het Lichaam en Bloed van Christus, vertaalt zich in broederlijke eenheid, en dus ook in iets dat moeilijk voor ons is: je bezit delen en geld verzamelen voor de collecte ten bate van de Moederkerk van Jeruzalem (vlg. Rom. 12,13 en 2Kor. 8,9) en van de andere Kerken.

Echte bekering

Als jullie willen weten of jullie goede christenen zijn, moeten jullie bidden en proberen ter communie te gaan, en het sacrament van boete en verzoening te ontvangen. Maar het teken dat je hart echt is bekeerd, komt wanneer je bekering je in de portemonnee raakt, wanneer het om je eigen belangen gaat.

Dan zie je echt of iemand gul is ten opzichte van anderen, of iemand de zwaksten en de allerarmsten helpt. Als je bekering je daartoe brengt, weet je zeker dat je echt bekeerd bent. Als je alleen in woorden bekeerd bent, is het geen goede bekering.

Genereus en niet gierig zijn

Het eucharistische leven, het gebed, de prediking van de apostelen en de ervaring van gemeenschap (vlg. Hand. 2,42) maken van de gelovigen een veelheid aan mensen die – zo staat er in Handelingen der Apostelen – “een van hart en een van ziel” zijn. Wat ze bezitten beschouwen ze niet als hun eigendom, maar “ze bezitten alles gemeenschappelijk” (Hand. 4,32).

Dat is zo’n krachtig levensmodel dat het ons helpt om genereus te zijn en niet gierig. Om die reden “was er geen enkele noodlijdende onder hen, omdat allen die landerijen of huizen bezaten, deze verkochten en de opbrengst ervan meebrachten om aan de voeten van de apostelen neer te leggen. Aan ieder werd daarvan uitgedeeld naar zijn behoefte” (Hand. 4,34-35).

“Liefde is de weg. Maar geen valse liefde, nee, concrete liefde”
- Paus Franciscus

Afstand doen van geld en tijd

In de Kerk zijn er altijd christenen geweest die afstand deden van alle spullen die ze teveel hadden, van alle spullen die ze niet nodig hadden, om die weg te geven aan mensen die er wel behoefte aan hadden. En het gaat niet alleen om geld, maar ook om tijd.

Er zijn zoveel christenen die vrijwilligerswerk doen! Dat is prachtig! Je tijd delen met anderen, om mensen in nood te helpen, is ook gemeenschap. Dat geldt ook voor het vrijwilliger zijn, de goede werken, de ziekenbezoeken; je moet altijd delen met de ander en niet alleen uit zijn op je eigenbelang.

Een nieuwe manier van samenzijn

Gemeenschap, of koinonia, wordt zo het nieuwe relatiemodel tussen de leerlingen van de Heer. De christenen ervaren een nieuwe manier van samenzijn, van gedrag. En het is echt een christelijke manier van zijn, zo zeer dat de heidenen naar de christenen kijken en zeggen: “Kijk hoe ze elkaar liefhebben!”

Liefde is de weg. Maar niet liefhebben met enkel woorden, geen valse liefde: liefde die geuit wordt door middel van de werken, door het helpen van elkaar, de concrete liefde, de concreetheid van de liefde. De band met Christus zorgt voor een band met je broeders en zusters die ook uitgedrukt wordt in het delen van je bezit.

Die manier van samenzijn, die vorm van liefhebben raakt je dus uiteindelijk in de portemonnee. Die ontdoet je uiteindelijk ook van het obstakel dat geld is, om het aan de ander te geven en zo in te gaan tegen je eigenbelang.

Verantwoordelijkheid

Lid zijn van het lichaam van Christus maakt de gelovigen verantwoordelijk voor elkaar. “Maar kijk die daar, wat een problemen heeft hij. Maar dat maakt me niks uit, dat is zijn zaak.” Nee, als christenen kunnen we niet zeggen: “Arme man, die heeft thuis problemen, zijn gezin heeft het moeilijk.”

Dan moet ik bidden, ik neem het met me mee en ben niet onverschillig. Dat is een christen zijn. Daarom ondersteunen de sterken de zwakken (vlg. Rom. 15,1) en ervaart niemand de armoede die de menselijke waardigheid vernedert en schaadt. Want zij leven in gemeenschap: ze hebben een gemeenschappelijk hart. Ze houden van elkaar. Dat is het teken: concrete liefde.

De armen niet vergeten

Jakobus, Petrus en Johannes, de drie apostelen die de ‘steunpilaren’ zijn van de Kerk van Jeruzalem, bepalen in gezamenlijk overleg dat Paulus en Barnabas de heidenen zullen evangeliseren, terwijl zij de joden zullen evangeliseren.

Ze stellen maar een voorwaarde aan Paulus en Barnabas: dat zij de armen niet vergeten (vlg. Gal. 2,9-10). Niet alleen de armen zonder bezit, maar ook de armen van geest, de mensen die problemen hebben en onze nabijheid nodig hebben. Een christen vertrekt altijd vanuit zichzelf, vanuit zijn eigen hart, en komt de ander nabij zoals Jezus ook ons nabij is gekomen. Dat is de eerste christelijke gemeenschap.

“Hypocrisie is de ergste vijand van de christelijke gemeenschap”
- Paus Franciscus

Alles weggeven

Een concreet voorbeeld van het delen van je bezit komt tot ons via het getuigenis van Barnabas: hij bezit een akker en verkoopt die om de opbrengst ervan aan de apostelen te geven (vlg. Hand. 4,36-37). Maar na zijn positieve voorbeeld, volgt er een ander, helaas negatief voorbeeld: Ananías en zijn vrouw Saffira verkopen een stuk grond, maar besluiten slechts een deel van de opbrengst aan de apostelen te geven en de rest voor zichzelf te houden (vlg. Hand. 5,1-2).

Dat schandaal verbreekt de keten van het vrijuit delen, van het serene en gemakkelijke delen. De consequenties zijn vreselijk, die zijn fataal (Hand. 5,5.10). De apostel Petrus ontmaskert het incorrecte gedrag van Ananías en zijn vrouw en zegt hun: “Waarom heeft de satan bezit genomen van uw hart, zodat ge de heilige Geest bedriegt en van de opbrengst van uw land iets achterhoudt? (...) Ge hebt niet tegen mensen gelogen, maar tegen God” (Hand. 5,3-4).

Hypocrisie

We zouden kunnen zeggen dat Ananías heeft gelogen tegen God vanwege zijn geïsoleerde geweten, vanwege zijn hypocriete geweten, ofwel vanwege zijn ‘afgedwongen’, onvolledige en opportunistische toebehoren aan de Kerk.

Hypocrisie is de ergste vijand van de christelijke gemeenschap, van de christelijke liefde: dat net doen alsof je van de anderen houdt, maar ondertussen enkel je eigen belangen najagen.

Een toerist in de Kerk

Tekortschieten in je oprechtheid om te delen, of tekortschieten in je oprechtheid lief te hebben, betekent dan ook de hypocrisie voeden, je afwenden van de waarheid, egoïstisch worden, het vuur van de gemeenschap uitdoven en je overleveren aan de kou van de innerlijke dood.

Wie zich zo gedraagt, beweegt zich in de Kerk als een toerist. Er zijn heel veel toeristen in de Kerk die altijd onderweg zijn, maar nooit echt deel uitmaken van de Kerk: het is een spiritueel soort toerisme dat hen doet denken dat ze christen zijn, maar ondertussen zijn ze enkel toeristen in de catacomben.

Broeders en zusters van elkaar

Nee, we moeten in de Kerk niet alleen maar toeristen zijn, maar broeders en zusters van elkaar. Een leven dat alleen is gestoeld op winst en eigenbelang ten koste van anderen, leidt onvermijdelijk tot de innerlijke dood. En er zijn zoveel mensen die zeggen dat ze de Kerk nabij zijn, vrienden van priesters en bisschoppen, terwijl ze enkel hun eigen belangen najagen. Dat is de hypocrisie die de Kerk vernietigt!

Ik vraag dit voor ieder van ons: dat de Heer over ons zijn Geest van tederheid mag uitstorten, die elke vorm van hypocrisie overwint en de waarheid centraal stelt die de christelijke solidariteit voedt. Die solidariteit die, veel meer dan sociale ondersteuning, een fundamentele uitdrukking is van de aard van de Kerk, de liefhebbende moeder van iedereen, vooral van de allerarmsten. (Vert. SK)