fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Inspiratie

Paus: ‘Vechten met God is een metafoor voor het gebed’

KN Redactie 11 juni 2020
image
Foto: CNS Photo/Vatican Media

Tijdens de algemene audiëntie van 10 juni sprak paus Franciscus over het gebed als een gevecht met God.

Beste broeders en zusters, goedemorgen!

We gaan verder met onze catechese over het thema gebed. Het boek Genesis vertelt ons verhalen over gebeurtenissen van mannen en vrouwen uit een ver verleden en dat zijn verhalen waaraan wij ons eigen leven kunnen spiegelen.

Doortrapte man

In de verhalen over de aartsvaders komen we ook het verhaal tegen van een man die van doortraptheid zijn grootste talent had gemaakt: Jakob. Het bijbelverhaal spreekt over de moeilijke relatie die Jakob had met zijn broer Esau. Van kleins af aan bestaat er rivaliteit tussen hen en daar kwamen ze nooit overheen.

Jakob werd als tweede van de tweeling geboren, maar door een list slaagt hij erin van zijn vader de zegen en het geschenk van de eerstgeborene te verkrijgen (vlg. Gen. 25,19-34). Dat is pas de eerste van een lange reeks listen waartoe deze gewetenloze man in staat is. Ook de naam Jakob betekent iemand die zich doortrapt voortbeweegt.

Self made man

Gedwongen om ver weg te vluchten voor zijn broer, lijkt in zijn leven alles te lukken. Hij is een geslaagd zakenman: hij wordt erg rijk en komt in het bezit van een enorme kudde. Met vasthoudendheid en geduld slaagt hij erin om de mooiste dochter van Laban te trouwen, op wie hij oprecht verliefd is.

Om het in moderne taal te zeggen, is Jakob een self made man: met zijn intelligentie en zijn listen slaagt hij erin alles te krijgen wat hij wil. Maar hij mist iets. Hij mist de levende relatie met zijn eigen wortels.

Een gedenkwaardig verhaal

En op een dag voelt hij heimwee naar zijn thuis, naar zijn oude vaderland. Daar woont Esau nog altijd, de broer met wie hij altijd een slechte relatie heeft gehad. Jakob vertrekt en onderneemt een lange reis met een karavaan vol mensen en dieren. Tot hij bij de laatste etappe arriveert, de beek Jabbok.

Hier geeft het boek Genesis ons een gedenkwaardige pagina (vlg. 32,23-33). Er wordt verteld dat de aartsvader, nadat hij zijn mensen en beesten – en dat waren er veel – heeft overgezet, alleen achterblijft op de vreemde oever. En hij denkt: wat staat me morgen te wachten? Welke houding zal zijn broer Esau aannemen, van wie hij het recht van de eerstgeborene heeft gestolen? Een wervelwind van gedachten gaat door zijn hoofd...

Nachtelijk gevecht

En als het donker wordt, grijpt een onbekende hem opeens vast en begint met hem te vechten. De Catechismus legt uit: “De spritituele traditie van de Kerk heeft uit dit verhaal het symbool bewaard van het gebed als gevecht van het geloof en als overwinning van de volharding” (nr. 2573).

Jakob vecht de hele nacht door, zonder ooit de greep op zijn tegenstander te verliezen. Op het eind wordt hij overwonnen en door zijn rivaal bij de heup geraakt waardoor hij vervolgens zijn hele leven mank blijft.

“Hij verrast ons op het moment dat we het niet verwachten, het moment waarop we ons echt alleen voelen”
- Paus Franciscus

De mysterieuze strijder vraagt om de naam van de aartsvader en zegt hem: “Voortaan zult gij geen Jakob meer heten, maar Israël, want gij hebt met God gestreden en met mensen en gij hebt hen overwonnen” (vers 29). Alsof hij wil zeggen: je zult nooit meer de man zijn die de verkeerde weg gaat, maar de juiste. Hij verandert zijn naam, zijn leven en zijn houding. Je zult Israël heten.

Dan vraagt Jakob aan de ander: “Maak mij uw naam bekend.” Diegene zegt hem die niet, maar ter compensatie zegent hij hem. En Jakob begrijpt dan dat hij God “van aangezicht tot aangezicht” heeft ontmoet (vlg. versen 30-31).

Metafoor voor het gebed

Vechten met God: een metafoor voor het gebed. Andere keren laat Jakob zien dat hij in staat is met God in gesprek te gaan, om Hem te ervaren als een vriendelijke en nabije aanwezigheid. Maar in die nacht, door een gevecht dat lang doorgaat en waar hij bijna aan ten onder gaat, verandert de aarstvader. Hij verandert van naam, van levensstijl en van persoonlijkheid. Hij komt er anders uit.

Voor één keer is hij de situatie niet meester – en zijn listen helpen hem niet. Hij is niet langer de strateeg en de berekenende man. God herinnert hem aan de waarheid dat hij een sterfelijk mens is die bang is en angstig, want Jakob was bang tijdens het gevecht.

Een kwetsbaar mens

Voor één keer kan Jakob aan God niets anders laten zien dat zijn kwetsbaarheid, zijn onvermogen en zelfs zijn zonden. En het is die Jakob die de zegen van God ontvangt waarmee hij mank het beloofde land binnengaat: kwetsbaar en vernederd, maar met een nieuw hart.

Ik hoorde een oude man eens zeggen – hij was een goede man, een goed christen, maar een zondaar die veel vertrouwen had in God: “God zal me helpen; Hij zal me niet alleen laten. Ik zal het paradijs binnengaan, mank, maar ik zal er binnengaan.”

Een nachtelijke afspraak met God

Jakob was eerst heel zeker van zichzelf, hij vertrouwde op zijn eigen listigheid. Hij was een man die niet vatbaar was voor genade en immuun voor barmhartigheid. Hij wist niet eens wat barmhartigheid was. “Hier ben ik, hier bepaal ik!”, hij vond dat hij geen barmhartigheid nodig had. Maar God redde wat verloren was. Hij deed hem inzien dat hij beperkt was, dat hij een zondaar was die barmhartigheid nodig had. En Hij redde hem.

Wij heben allemaal een nachtelijke afspraak met God, in de nacht van ons leven, in de vele nachten van ons leven: duistere momenten, zondige momenten, momenten dat we de weg kwijt zijn. Daar wacht de afspraak met God, altijd. Hij verrast ons op het moment dat we het niet verwachten, het moment waarop we ons echt alleen voelen.

Laat je veranderen door God

In diezelfde nacht, als we vechten tegen de onbekende, zullen we ons ervan bewust worden dat we slechts arme mensen zijn – ik durf te zeggen ‘arme zielen’ – maar juist dan, op het moment dat we ons ‘arme zielen’ voelen, hoeven we niet bang te zijn: want op dat moment zal God ons een nieuwe naam geven, die de zin van heel ons leven omvat; Hij zal ons hart veranderen en ons de zegen geven die bestemd is voor degenen die zich door Hem hebben laten veranderen.

Dit is een mooie uitnodiging om je te laten veranderen door God. Hij weet hoe Hij dat moet doen, want Hij kent ieder van ons. “Heer, U kent mij”, dat kan ieder van ons zeggen. “Heer, U kent mij. Verander mij.” (Vertaling Susanne Kurstjens)