<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Commentaar

Wedergeboorte

KN Redactie 23 februari 2018
image
Foto: AP

“Ik ben simpelweg een pelgrim die de laatste etappe van zijn aardse pelgrimstocht onderneemt.” Met deze woorden nam paus Benedictus XVI op 28 februari 2013 afscheid, kort voordat hij met emeritaat zou gaan.

In de toespraak waarin hij op 11 februari van dat jaar (afgelopen zondag exact vijf jaar geleden) zijn afscheid aankondigde, zinspeelde Benedictus op de moeilijke situatie van de Kerk en de wereld van vandaag.

Crisis

Een situatie die hij bijna vijftig jaar geleden al voorzag. In een radio-uitzending op 25 december 1969, doet Joseph Ratzinger een voorspelling over de toekomst van Kerk en wereld die nog altijd huiveringwekkend actueel is.

“Als gevolg van de huidige crisis zal een Kerk ontstaan die veel verloren heeft. Ze zal klein worden en weer van nul af aan opnieuw moeten beginnen. (…) Omdat het aantal gelovigen zal afnemen, zal de Kerk ook een groot deel van haar maatschappelijke privileges kwijtraken.”

Ratzinger spreekt over de mens die de zin van God verloren zal hebben en hierdoor, te midden van “een geprogrammeerde wereld” beheerst door “onbeschrijfelijke eenzaamheid”, de verschrikking van haar armoede zal voelen.

Omwentelingen

Zijn woorden vertonen interessante gelijkenissen met die van kardinaal Robert Sarah, die begin februari in Brussel zijn boek God of niets presenteerde (zie ook KN07). Sarah stelt dat een “eclips” aan de gang is, een afwezigheid van God in onze wereld, in de politiek, de cultuur en ons persoonlijk leven.

Maar ondanks deze voorspellingen, waarbij men rekening moet houden met “grote omwentelingen” – ook binnen de Kerk – toonde Ratzinger zich ook hoopvol. De Kerk zal opnieuw beginnen als kleine kudde, vanuit kleine groepen, vanuit de bewegingen en een minderheid die het geloof en het gebed weer in het centrum van haar ervaring zal plaatsen.

Nieuw leven

Hij spreekt zelfs over een wedergeboorte. Het is een woord dat ons wellicht van grote hulp kan zijn in deze Veertigdagentijd, waarin wij ons voorbereiden op Pasen. Een tijd van bekering, waarin de Kerk ons door vasten, gebed en aalmoezen wil helpen om onze ‘oude mens’ te verlaten.

Zodat wij met Pasen onze zonden achter kunnen laten in de wateren van het Doopsel en met de Heer kunnen verrijzen tot een onsterfelijk leven, waarbij “ikzelf niet meer leef, maar Christus het is die leeft in mij” (Gal.2,20). Een wedergeboorte tot een nieuw leven die in het teken mag staan van de nieuwe evangelisatie.

Alleen dan zal de Kerk, zoals Ratzinger het vijftig jaar geleden zei, zich innerlijk vernieuwen en tot bloei komen. “Zij zal verschijnen als het huis van alle mensen, waar men leven en hoop zal vinden over de dood heen.”