<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Inspiratie

‘Blijf bidden, want er komt een antwoord’

KN Redactie 10 januari 2019
image
CNS - Paul Haring

Beste broeders en zusters, goedemorgen!

De catechese van vandaag verwijst naar het Evangelie volgens Lucas. Het is dan ook vooral dit Evangelie dat de figuur van Christus beschrijft in een sfeer die bol staat van gebed, al vanaf de verhalen over zijn kindertijd. In dit Evangelie staan de drie hymnes die elke dag kenmerkend zijn voor het gebed van de Kerk: het Benedictus, het Magnificat en het Nunc dimittis.

Jezus bidt voor ons

En in deze catechese over het Onzevader gaan we verder en zien we Jezus als bidder. Jezus bidt. In het verhaal van Lucas, bijvoorbeeld, komt de transfiguratie voort uit een gebedsmoment. Dit wordt er gezegd: “Terwijl Hij in gebed was, veranderde zijn gelaat van aanblik en werden zijn kleren verblindend wit” (Lc. 9,29). Maar elke stap in Jezus’ leven is gedreven door de wind van de Geest die Hem leidt in al zijn handelen. Jezus bidt bij het doopsel in de Jordaan, Hij spreekt met de Vader voordat hij zijn belangrijkste beslissingen neemt, Hij trekt zich vaak terug om alleen te bidden en Hij bidt voor Petrus die Hem kort daarna zal verloochenen.

Dit zegt Hij: “Simon, Simon, weet dat de satan heeft geëist u allen te ziften als tarwe. Maar Ik heb voor u gebeden dat uw geloof niet zou bezwijken” (Lc. 22,31-32). Dat is troostrijk: te weten dat Jezus voor ons bidt, voor mij bidt, voor ieder van ons, opdat ons geloof niet bezwijkt. En dat is waar. “Maar doet Hij dat nog steeds?” Dat doet Hij nog steeds, bij de Vader. Jezus bidt voor mij: ieder van ons kan dat zeggen. En ook wij kunnen tegen Jezus zeggen: “U die bidt voor mij, blijf bidden, want ik heb het nodig”. Op die manier, moedig.

‘Leer ons bidden’

Zelfs de dood van de Messias is omgeven door een sfeer van gebed, zo zeer dat de uren van zijn Passie getekend lijken door een verbazingwekkende kalmte: Jezus troost de vrouwen, bidt voor degenen die Hem kruisigen, Hij belooft het paradijs aan de goede misdadiger en blaast met deze woorden zijn laatste adem uit: “’Vader, in uw handen beveel Ik mijn geest” (Lc. 23,46). Jezus’ gebed lijkt de heftigste emoties en het verlangen naar wraak te verzachten, en verzoent de mens met zijn grootste vijand: de dood.

En ook weer in het Evangelie volgens Lucas vinden we het verzoek, afkomstig van een van zijn leerlingen, om door Jezus zelf onderwezen te worden in het gebed. Dit is wat hij zegt: “Heer, leer ons bidden” (Lc. 11,1). Ze zagen dat Hij bad. Ook wij kunnen tegen de Heer zeggen: “Leer het ons. Heer, U bidt voor mij, dat weet ik, maar leer mij om te bidden, zodat ook ik kan bidden.”

Jezus’ onderricht

Vanuit dit verzoek – “Heer, leer ons bidden” – komt een vrij uitgebreid onderricht voort waarmee Jezus aan zijn leerlingen uitlegt met welke woorden en met welke gevoelens ze zich tot God moeten richten.

Het eerste deel van dit onderricht is het Onzevader. Bidt als volgt: “Onze Vader die in de hemel zijt”. Vader: wat een mooi woord om te zeggen. Wij kunnen de hele tijd in gebed zijn door alleen dat woord te zeggen: Vader. En voelen dat we een vader hebben: geen meester of een patroon, nee, een vader. Een christen richt zich tot God door Hem bovenal Vader te noemen.

In dit onderricht dat Jezus aan zijn leerlingen geeft, is het interessant om stil te staan bij een aantal van de leerpunten die de kroon vormen op de tekst van het gebed. Om ons vertrouwen te geven, legt Jezus een aantal dingen uit. Die benadrukken de houding van de gelovige die bidt.

Volharden in gebed

Zo is er de gelijkenis van de onwelkome vriend, die een heel slapend gezin gaat storen, omdat er onverwacht iemand van een reis is teruggekeerd en hij geen brood heeft om aan te bieden. Wat zegt Jezus over degene die aan de deur klopt en zijn vriend wakker maakt? Jezus legt uit: “Ik zeg u: als hij al niet opstaat en het hem geeft omdat hij zijn vriend is, zal hij toch opstaan en hem geven al wat hij nodig heeft, om zijn onbescheiden aandringen” (Lc. 11,8). Daarmee wil Hij ons leren bidden en leren volharden in het gebed.

En meteen daarna geeft Hij het voorbeeld van een vader met een hongerig kind. Al jullie vaders en opa’s die hier aanwezig zijn: als jullie zoon of kleinzoon om iets vraagt, honger heeft en vraagt en vraagt, en vervolgens huilt en schreeuwt, omdat hij honger heeft: “Is er soms onder u een vader die aan zijn zoon een steen zal geven, als deze hem om brood vraagt? Of als hij om vis vraagt, zal hij hem toch in plaats van vis geen slang geven?” (Lc. 11,11). En jullie weten uit ervaring dat als een kind erom vraagt, jullie hem te eten geven voor zijn eigen bestwil.

Elk gebed wordt verhoord

Met deze woorden doet Jezus ons begrijpen dat God altijd antwoordt, dat geen enkel gebed ongehoord blijft. Waarom? Omdat Hij de Vader is en zijn lijdende kinderen niet vergeet.

Zeker, deze woorden storten ons in een crisis, omdat zo veel van onze gebeden geen enkel resultaat lijken te hebben. Hoe vaak hebben wij niet gevraagd, maar niet gekregen? Dat hebben we allemaal wel eens ervaren. Hoe vaak hebben we niet aangeklopt, maar een dichte deur gevonden? Jezus raadt ons aan op die momenten vol te houden en ons niet gewonnen te geven. Het gebed verandert de realiteit, altijd. Als de dingen om ons heen niet veranderen, zijn het wijzelf wel die veranderen, ons hart. Jezus heeft het geschenk van de Heilige Geest belooft aan iedere man en iedere vrouw die bidt.

God zal ons antwoorden

We mogen er zeker van zijn dat God zal antwoorden. De enige onzekerheid die we hebben is wanneer, maar we hoeven niet te twijfelen dat Hij ons zal antwoorden. Misschien moeten we ons hele leven blijven volharden, maar Hij zal antwoorden. Dat heeft Hij ons beloofd: Hij is geen vader die een slang geeft in plaats van een vis. Er is niets dat zekerder is: het verlangen naar geluk dat we allemaal in ons hart meedragen zal op een dag werkelijkheid worden. Jezus zegt: “Zou God dan geen recht verschaffen aan zijn uitverkorenen, die dag en nacht tot Hem roepen en naar wie Hij genadig luistert?” (Lc. 18,7). Ja, Hij zal gerechtigheid brengen, Hij zal naar ons luisteren.

Wat een dag van glorie en verrijzenis zal dat zijn! Bidden is vanaf nu de overwinning op de eenzaamheid en de wanhoop. Bidden. Het gebed verandert de realiteit, laten we dat niet vergeten. Of het verandert dingen of het verandert ons hart, maar het verandert altijd iets. Bidden is vanaf nu de overwinning op de eenzaamheid en de wanhoop.

Het is alsof we elk deeltje van de schepping zien rondzwermen in de gevoelloosheid van een geschiedenis waarvan we soms het waarom niet snappen. Maar we zijn in beweging, onderweg, en aan het einde van de rit, wat is er aan het einde van onze weg? Aan het eind van het gebed, aan het einde van de tijd waarin we bidden, aan het einde van ons leven: wat is er dan? Er is een Vader die iedereen verwacht met open armen. Laten we naar die Vader kijken. (Vert. SK)