fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Geloofsvragen

Wat zegt mijn geloof over naastenliefde?

Emma Koevoets 2 juni 2021
image
Foto: Katt Yukawa via Unsplash

Elke jongere loopt weleens rond met een vraag die hij of zij aan een geestelijke wil stellen. In deze rubriek doen we dat voor je. Deze week de vraag: wat zegt mijn geloof over naastenliefde? Minderbroeder Hans-Peter Bartels (33), de jongste franciscaan van Nederland, geeft antwoord.

Door de eeuwen heen hebben christenen de naastenliefde aangegrepen. Vele zijn er een lichtend voorbeeld mee geworden, zegt Bartels. Hij geeft als voorbeeld vanzelfsprekend Franciscus van Assisi die zorgde voor de melaatsen.

Een tijdgenoot van hem is de heilige Elisabeth van Thüringen, landgravin in Duitsland. Bartels: "Zij gaf in tijden van hongersnood de armen van de stad te eten, terwijl haar schoonfamilie bang was dat ze dan zelf later te weinig zouden hebben. 'Maar dat maakt niet uit', zei ze. ‘Ik geef uit onze overvloed, dus te weinig zullen we zeker niet hebben.'"

De zeven werken van barmhartigheid

Zo zijn er honderden voorbeelden. Waar gaat dat op terug? "Op wat Jezus zegt over Het Laatste Oordeel in Mattheüs 25, oftewel op de zeven werken van barmhartigheid", zegt Bartels. "Hoewel Jezus er maar zes noemt: ‘Ik had honger en gij hebt mij te eten gegeven. Ik had dorst en gij hebt me te drinken gegeven...' Gij zult de vreemdelingen opnemen, naakten kleden, zieken verzorgen en gevangenen bezoeken." Het zevende, de doden begraven, werd in 1207 door de paus toegevoegd.

Het Stadsklooster San Damiano in Den Bosch, waar Bartels woont, heeft het relatieve voordeel dat het met hulp van andere instanties de financiële middelen en handen heeft om mensen die aankloppen te helpen. Daklozen krijgen een kop koffie, een koek erbij en sinds een aantal maanden een mondkapje. En komen ze tien keer per dag, dan krijgen ze dat tien keer per dag.

Voor een individu of zomaar een jongere is het ondoenlijk om alle daklozen in de stad te helpen, laat staan alle daklozen in de wereld. “Maar als iedereen een klein beetje doet, doen we samen heel veel”, denkt Bartels.

Geef menselijkheid

In Mattheüs 7 vers 12 stelt Jezus: "Alles, wat gij wilt dat de mensen voor u doen, doet dat ook voor hen. Dat is Wet en Profeten." Dat is Jezus’ uitleg van wat ook wel de Gulden Regel wordt genoemd, zegt Bartels.

Vanuit naastenliefde zou je kunnen denken dat het 'gemakkelijk' is om iemand die erom vraagt maar wat geld te geven voor de daklozenopvang of voor eten. "Heel oppervlakkig gezien is dat ook wat een dakloze wil, maar helaas zijn de meeste daklozen verslaafd en kopen ze er drugs van. En als je een stap verder denkt, wil niemand verslaafd zijn. Dus is het helemaal niet zo’n goed idee om zomaar geld te geven."

Bartels oppert dat je een dakloze wel altijd kunt aankijken en groeten. En als mensen om geld vragen, kun je voorstellen iets te eten voor ze te kopen of ze het broodje te geven dat je misschien zelf bij je hebt. "Behandel ze als mens, niet als een stuk vuil op straat. Geef ze een stukje medemenselijkheid, net als Franciscus, als broeder en zuster."

'Kies iets dat bij je past'

Als je de werken van barmhartigheid in je eigen leven wilt toepassen, adviseert Bartels iets te kiezen dat bij je past - juist omdat je niet alles kunt doen. "Je zou vrijwilligerswerk kunnen doen in een verzorgingshuis. En tegenwoordig zie je ook veel reclames van Vinted, waar je oude kleding kunt verkopen. Daar houd je nog wat aan over, maar je kunt ook zeggen: kleding die ik niet meer draag en die nog goed is, geef ik aan een goed doel, zodat bijvoorbeeld vluchtelingen gekleed kunnen worden. Of je geeft het aan een kledingbank voor iemand die er zelf het geld niet voor heeft. Daar bereik je alleen maar meer mee”, besluit de minderbroeder.