fbpx
<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Essay

Waarom de boom omhakken als enkele takken rot zijn? Dit motu proprio gaat niet over liturgie

Peter van Duyvenvoorde 23 juli 2021
image
Een priester viert de Mis volgens de tridentijnse ritus. Foto: Shalone Cason - unsplash.com

Waar gaat het bij de inperking van de tridentijnse liturgie nu echt om? En waarom, vraagt Peter van Duyvenvoorde zich af, stoort die inperking hem zo, terwijl hij nog nooit een tridentijnse Mis bijwoonde?

Met het publiceren van het motu proprio Traditionis Custodes heeft paus Franciscus de tweedeling in de Kerk laten zien: de meer vrijzinnige katholieken juichen de inperking van de tridentijnse Mis toe, de meer orthodoxen hebben er hevige kritiek op.

Volgens de eersten worden de laatsten eindelijk eens terecht op de vingers getikt. Een priester schreef op Facebook dat als sommige takken van een boom verrot zijn, je dan maar de hele boom moet omhakken. De laatsten daarentegen reageren woedend en voelen zich andermaal onderdrukt door de ‘liberale’ Kerk en de in hun ogen verschrikkelijke paus.

Wat al deze uitingen vooral duidelijk maken, is dat deze discussie niet zozeer over de liturgie gaat. Ze gaat over de katholieken (en het katholicisme?) zelf.

Storend nieuws

Het nieuws kwam voor mij als een verrassing, ik vroeg me af of het waar was, of reactionaire propaganda tegen de huidige paus – dat zou niet voor het eerst zijn. Het bleek waar.

“Ik bezocht nog nooit een tridentijnse Mis. Toch vond ik het mooi en goed dat die er was”

Wat ik ervan vond, was me niet meteen duidelijk. Ik appte een bevriende katholiek die beduidend beter in de leer thuis is dan ikzelf, met een priester en las verschillende artikelen op internet. In ieder geval merkte ik dat het nieuws me stoorde. Wat vreemd is, want zelf heb ik nooit een tridentijnse Mis bezocht.

Behoorlijk irritant

Wel heb ik vaak aanstalten daartoe gemaakt, maar het kwam er niet van. Deels uit gemakzucht, maar voor een groter deel uit het feit dat ik de ‘tridentijnen’ op zijn best nogal intimiderend en op zijn slechts behoorlijk irritant vond.

Wat de vrijzinnige jubelaars nu stellen, ervoer ik ook. Ik vond ‘tridentijnen’ vaak (hoewel zeker niet altijd!) zelfingenomen; alsof zij de wijsheid in pacht hadden, de ware Kerk hadden ontdekt en alle andere katholieken deden alsof met een armzalige Mis. Ook in het dagelijkse leven vond ik hen vaak erg wettisch, hardvochtig soms, weinig genadig. Toegegeven, dit is een blik van buitenaf.

Intuïtieve liefde

Toch vond ik het ook mooi en goed dat de tridentijnse Mis er was. Ik ben dan misschien wat voorzichtiger in mijn katholiek-zijn, dat betekent niet dat ik geen intuïtieve liefde voel voor een traditionalistische liturgie. Vooral wanneer ik die tegenover sommige moderne Missen plaats die ik heb meegemaakt, waarin het sacrale wel heel ver te zoeken was. Maar ook die mogen er zijn, lijkt me. Net als bij de tridentijnse Mis geldt: het misschien niet mijn type Mis (of achterban), maar het is toch goed dat ze bestaat en dat deze mensen er zijn. Beide uitersten maken deel uit van de katholieke Kerk.

https://www.us12.list-manage.com/subscribe/post?u=d22144bf286104d517b638301&id=b3f10e4ed1

Op sombere dagen kan ik er ook erg van genieten, van katholieken die durven geloven in een krachtige Kerk, in ketters en heidenen en de ziel, en die ook zonder gêne durven spreken over een hiernamaals van hel en hemel, over één exclusieve waarheid waarvoor ze durven staan.

Wederzijdse onverdraagzaamheid

Juist de veelvoud draagt bij aan mijn liefde voor de Kerk: eenheid in verscheidenheid. In die zin vind ik eigenlijk de tridentijnse Mis al te totalitair.

Ik geniet ervan te lezen dat in iedere laatmiddeleeuwse stad, streek of kloosterorde de liturgie weer anders was. Dat priesters op het Franse platteland haar verweefden met lokaal volksgeloof en in Ierland een mix ontstond van Keltische en christelijke tradities, kortom: dat de liturgie mede ontstond in een lokale gemeenschap, in taal en symbolen die voor haar herkenbaar waren – en dat deze mensen toch allemaal katholiek waren.

Dit was ook onderdeel van mijn kritiek op de ‘tridentijnen’: te totalitair in hun opvatting van liturgie en Kerk. Nu blijkt dat dat misschien wel voor beide ‘kampen’ geldt: wederzijdse onverdraagzaamheid.

Achterhaald

Het is alsof de progressieve vleugel de reactionaire tolereerde zolang die zich volgzaam genoeg opstelde. Tolerantie is een machtsbegrip: het is vaak veilig, totdat de getolereerde te mondig wordt, dan moet hem de mond gesnoerd worden. Dat lijkt naar voren te komen in dit motu proprio.

“Vragen, discussies en verschillen hoeven niet problematisch te zijn wanneer ze binnen de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk gesteld worden en plaatsvinden”

Volgens een dierbare katholieke vriend heeft dit te maken met de Moving Spirit, de voortgaande geest, een idee van Hegel: alsof de Heilige Geest per definitie déze verandering wil, en dat wie die niet wil, achterhaald is, ja zelfs een vijand die de vernieuwing van de Kerk dwarsboomt.

Of dit klopt, weet ik niet. Wel heeft dit enige gronding in de huidige situatie. Volgens de katholieke hoogleraar en blogger Douglas Farrow stelt Franciscus in feite dat de novus ordo een unieke uitdrukking is van het gebed van de Kerk en binnenkort zelfs de enige. Het nieuwe kan volgens Farrow voor Franciscus dus alleen bestaan door het oude te elimineren. Het kan niet naast elkaar bestaan.

'Onomkeerbaar'

Dat dit niet van de lucht is, tonen uitspraken van de paus uit 2013. Hier betoogt hij zich een groot aanhanger van de liturgische hervorming van Vaticanum II, hij noemde het een “dienst aan het volk en een herlezing van het Evangelie aan de hand van de hedendaagse cultuur die onomkeerbaar is”. Ook zei hij dat “de hernieuwingsbeweging die door Vaticanum II op gang werd gebracht, voortspruit uit het Evangelie zelf”. Opvallend is ook dat hij toen al waarschuwde dat de tridentijnse Mis een zorgwekkend risico in zich droeg van ideologisering en instrumentalisering. Dat geeft een mens toch te denken. Of hij heeft voorspellende gaven, of heeft nu pas de ruimte gevonden om wat hij eigenlijk al vond tot beleid te maken.

Zet de paus dit motu proprio niet vooral in om het oude te doen verdwijnen?

Waarom of/of?

Even een voorbehoud: dit essay lijkt tot nu toe misschien een verkapte aanval op paus Franciscus. Iedere katholiek weet dat hij heftige reacties losmaakt bij de meer traditionele katholieken. Maar tot dit motu proprio heb ik weinig moeite met hem gehad. Zelfs zo weinig dat ik eens de band met mijn schoonmoeder en zwager op het spel zette door hem te verdedigen in een steeds hevigere discussie over ‘Benedictus of Franciscus’. Ik begreep niet dat het of/of moest zijn, en begrijp dat ook nu niet.

Een andere discussie

Toch blijft de vraag hangen of Franciscus hier niet een heel andere discussie voert, verhuld als een liturgische discussie. Want wie politiseert nu eigenlijk de Mis?

https://www.kn.nl/abonnementen/

En stel dat Franciscus’ observatie juist is (en ik denk dat die dat deels is), is dit dan de oplossing? Wat wordt hiermee gewonnen? En waarom reageren de jubelaars zo gelukzalig? Omdat er liturgisch iets verandert, of omdat een groep katholieken die anders denkt dan zij een halt wordt toegeroepen?

Bijzonder

Met de tridentijnse Mis kan volgens mij weinig mis zijn; niet voor niets was ze vier eeuwen dominant. Voor mij is het de Mis die katholieken verbindt door de eeuwen heen. Zie ik deze liturgie in een oude Franse film, dan voelt ze vreemd, maar ook eigen: ik zou, als ik dat zou willen, dezelfde Mis kunnen bijwonen.

En het is toch ook bijzonder? De priester met zijn gelaat naar het altaar, de traditionele choreografie, het gebruik van de preekstoel. Het gevoel verbonden te zijn met vele eeuwen, door de overlevering van teksten die ouder zijn dan de tridentijnse Mis zelf. Katholiek zijn is je willens en wetens in een wereld begeven die buiten de moderniteit staat, en de tridentijnse Mis bijwonen is dat gegeven ten volle omarmen.

Waarom dit me stoort

Nu snap ik ook beter waarom de ‘uitfasering’ van deze liturgie me stoort. Ook al deed ik er niets mee, toch voelt het alsof ik iets kwijtraak, als een droom die opgaat in het niets. Alsof een ongebruikte kamer waarvan je jezelf altijd voornam er ooit een atelier of schrijfkamer van te maken, plots hermetisch gesloten wordt. Je deed er niets mee, maar toch was die kamer daar in je beleving. En ik snap maar niet waarom dit gebeurt.

“De vraag blijft: moet je de boom omhakken omdat bepaalde takken verkeerd groeien?”

Want de vraag blijft: moet je de boom omhakken omdat bepaalde takken verkeerd groeien? Het argument dat de ‘tridentijnen’ verharden, vind ik niet genoeg; dat zegt vooral dat er verschillende groepen katholieken zijn die elkaar steeds minder verdragen. Problematisch, zeker, maar Franciscus’ besluit lijkt me eerder een verergering dan een oplossing van het probleem.

Waarover we discussiëren

Ik hoop dat 2021 niet het jaar van een nieuw schisma wordt. Want alle vragen, discussies, verschillen en zelfs alle wederzijds toenemende onverdraagzaamheid (een bevestiging dat niets wereldlijks katholieken vreemd is), hoeven niet problematisch te zijn wanneer ze binnen de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk plaatsvinden.

Zij is immers al twintig eeuwen een plek van debat: dát houdt haar levendig en vitaal. Aan ons de taak om dat voort te zetten. In de eenheid van de Heilige Geest en in liefde voor Gods woord en het Offer dat voor ons gebracht is.

De eerste stap daartoe is expliciet maken waarover we discussiëren. Dit is geen liturgische, maar een sociaal-politieke discussie. Laten we die dan ook met elkaar voeren, terwijl we die vorm van de Mis bijwonen waarin we dat Offer het sterkst ervaren.