<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Commentaar

Polyfoon leven

Anton de Wit 15 november 2018
image
Marius Masalar - Unsplash

 “Ik moedig jullie aan om ook in je dagelijks leven ‘polyfoon’ te zijn”, zei paus Franciscus afgelopen zaterdag voor een jubilerende Italiaanse korenvereniging. Het was maar een korte toespraak, een obligaat felicitatiepraatje zou je verwachten, maar er zat verrassend veel in.

De ‘verticale dimensie’ van de muziek – zingen “verheft de ziel” en maakt die “meer ontvankelijke voor de stem van de Geest” – koppelt de paus heel expliciet aan de ‘horizontale’: muziek heeft een belangrijke, samenbindende functie, is sociaal bindmiddel. Vandaar die uitnodiging om in het dagelijks leven ook ‘polyfoon’ te zijn: de sacrale muziek is tegelijk vindplaats van God én leerschool voor maatschappelijke meerstemmigheid.

Sociale en economische betekenis

De betekenis daarvan moeten wij goed tot ons door laten dringen. In een recent rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau over de cultuursector wordt ook gesproken over de grote sociale en economische betekenis van de muziek en andere culturele sectoren.

De muzieksector zit (anders dan bijvoorbeeld de literatuur en de beeldende kunst) nog in de lift ook, zo blijkt uit dat rapport: er zijn meer evenementen, er gaat meer geld in om, er zijn meer mensen professioneel bij betrokken dan vijf jaar geleden. Toch, als de SCP-onderzoekers het hebben over de waarde van muziek en cultuur, beginnen ze met de zuinige opmerking dat het voor veel mensen een “aangename vrijetijdsbesteding” is.

Zo hardnekkig is die opvatting, dat cultuur in het algemeen en muziek in het bijzonder een soort extraatje zijn, franje en frivoliteit, leuk om het leven zo af en toe te veraangenamen, waarna we weer overgaan tot de orde van de dag. Zou het onze calvinistische volksaard zijn? Uitgerekend de protestantse popgroep Trinity zegt deze week in KN dat door de Reformatie het zicht op kunst in de Kerk verloren is gegaan.

Aankleding

Maar laten we wel wezen: ook onze katholieke gemeenschap is niet immuun gebleken voor dat euvel, ook in onze liturgie wordt de muziek er te vaak maar een beetje bij gedaan. Te vaak wordt het gezien als aankleding – natuurlijk, het koor moet een beetje mooi zingen, zoals de bloemen op het priesterkoor er niet verlept bij mogen hangen. Maar anders, ach, daar gáát het uiteindelijk niet om, toch?

Ja, daar gaat het wél om. We hebben onvoldoende oog voor de sociale en religieuze betekenis van muziek wanneer we het als bijzaak afdoen. Het is een hoofdzaak, het ‘polyfone leven’ waar de paus over sprak is niet vrijblijvend. Juist daarom pakken wij in onze editie van deze week – in de aanloop naar het feest van Sint-Cecilia (22 november), patrones van de muzikanten – zo breed uit met een themanummer gewijd aan muziek. Wij moeten er ruimhartig in investeren als kerkgemeenschap. Desnoods als die weduwe uit de Schriftlezingen van afgelopen zondag, die haar laatste beetje meel en olie gaf aan de stem van de Geest.