<

Geef om katholieke journalistiek

doneer
Interview

‘Defensie leert militairen vechten, wij aalmoezeniers leren hen nadenken en, hopelijk, bidden’

Peter Doorakkers 20 januari 2023
image
Jean-Paul Thöni: “Aalmoezeniers zijn voor, maar niet van de krijgsmacht. Ik draag dit uniform alleen zodat ik bij militairen kan zijn om met hen op weg te gaan.” Foto: Ramon Mangold

Het katholiek sociaal denken is wel een van de best bewaarde geheimen van de Kerk genoemd. In een serie interviews brengen we aan de hand van vier kernbegrippen organisaties en mensen voor het voetlicht die dit denken in de praktijk vorm geven. In deze aflevering diaken Jean-Paul Thöni, hoofdaalmoezenier bij de krijgsmacht.

Menselijke waardigheid

“Militairen stellen zingevingsvragen, ze zijn bezig met leven en dood. Wij stellen hen tijdens conferenties daarom al snel de vraag of ze bereid zijn om te doden. Veel militairen zeggen dat ze bereid zijn hun leven voor hun buddy te géven – maar een ander het leven ontnémen? En omwille van wat dan? Een bevel? De goede zaak?

Wie twintig is, denkt daar vaak nog niet over na, wie dertig is wel, zeker als iemand kinderen heeft of een ouder heeft verloren. Dan dringt ineens het besef door dat ze op uitzending misschien een andere vader, moeder of zoon hebben gedood… Met de vragen komen dan soms ook de psychische klachten. Daarvoor verwijzen we naar de geestelijke gezondheidszorg, maar als katholieken hebben we ook veel middelen om mensen in zulke situaties te helpen.

“Ook dat is deel van onze taak als aalmoezeniers: woorden vinden voor wat mensen zelf niet gezegd krijgen”

We moeten daarbij wel beginnen op de plek waar de ander is. Dan moet je denken aan dingen als gemeenschap vormen, de ander eens goed in de ogen kijken of bij de hand nemen – soms letterlijk. Dit heeft alles te maken met de menselijke waardigheid van die ander zien, of die nou katholiek is of niet. In elk mens schijnt iets van God door, ook als die ander dat zelf misschien nog niet weet. We mogen ook proberen dat besef in de ander aan te wakkeren.

In Masar e Sharif, Afghanistan heb ik een stenen barbecue omgebouwd tot een wegkapelletje met een Mariabeeld bij de uitgang van het kamp. Ik heb uitgelegd dat wie dat wilde, haar om bescherming kon vragen. Ik had tweehonderd waxinelichtjes bij me, maar moest al snel nieuwe gaan zoeken bij een in de buurt gelegen Duitse eenheid: ze raakten op. Het ritueel raakte voor velen daar aan een vraag die ze zelf niet verwoord kregen, maar ik blijkbaar wel voor hen. Ook dat is deel van onze taak: woorden vinden voor wat mensen zelf niet gezegd krijgen.

We zijn dan niet meteen bezig met de sacramenten, maar putten wel degelijk uit de rijkdom van onze Kerk. Op mijn baret staat het In hoc signo vincet: in het teken van het kruis zul je overwinnen. Uiteindelijk proberen we dat uit te dragen, in de hoop dat wat wij doen, mensen ertoe aanzet om te kijken naar wat de Kerk nog meer te bieden heeft – en dat is veel meer dan wij zelf vaak beseffen.”

https://www.us12.list-manage.com/subscribe/post?u=d22144bf286104d517b638301&id=b3f10e4ed1

Algemeen welzijn

“Als ik voorga in een viering, sta ik lang stil bij het gebed om vrede. Vrede is meer dan de afwezigheid van geweld, er is ook een innerlijke vrede: is er een balans tussen wat je doet en wat je denkt? Want om vrede te brengen of te handhaven, moet er soms geweld worden toegepast. Dat kan tot gewetensnood leiden, dat tonen de levensverhalen van heiligen als Franciscus van Assisi en Ignatius van Loyola al. Zij waren militair en hebben dingen moeten doen die tegen hun diepste zelf ingingen. Dat kan keihard op een mens terugslaan. De aalmoezenier is er dan om iemand te helpen weer in vrede met zichzelf te kunnen leven.

Ik vind het wel eens lastig dat ik die vrede dien in een organisatie die geweld gebruikt, ja. Maar ik ben hier niet voor de organisatie. Ik ben hier namens de Kerk om met de mensen ín die organisatie op weg te gaan en tot vrede met zichzelf te brengen. Dat is ook heel wat anders dan mensen oplappen ‘opdat ze weer naar het slagveld kunnen’. Wij lappen mensen op, punt. Wij proberen hen heel te maken zodat ze zelf kunnen kiezen of ze opnieuw uitgezonden willen worden. Defensie leert militairen vechten, aalmoezeniers leren hen nadenken en, hopelijk, bidden, opdat ze kunnen omgaan met de vragen die daarbij komen kijken.”

Wie is…?

Jean Paul Thöni komt uit Twente en is diaken in de katholieke Kerk. Al ruim 10 jaar werkt hij als aalmoezenier bij defensie, sinds 2020 is hij er hoofdaalmoezenier.

Sinds 1914 werken er katholieke aalmoezeniers bij de krijgsmacht. Sinds 1957 zijn zij georganiseerd in het militair ordinariaat, het ‘legerbisdom’ dat sinds 2020 geleid wordt door de Roermondse hulpbisschop Everard de Jong. Het katholieke aalmoezenierskorps telt twee priesters, zeven permanent diakens en 33 pastoraal werkers.

Solidariteit

“Aalmoezeniers zijn voor, maar niet van de krijgsmacht. Ik draag dit uniform alleen zodat ik bij militairen kan zijn om met hen op weg te gaan. Letterlijk. Wij sporten en eten met hen, gaan mee op oefening en uitzending… Het is als in het verhaal van de Emmaüsgangers: wij lopen mee op, luisteren en proberen vervolgens vanuit het Evangelie een spiegel te zijn: waar ben je mee bezig? Waarom doe je wat je doet? Als er zo een echt gesprek tot stand komt, zijn wij heel tevreden.

“Voor mij was bidden op uitzending een uitlaatklep, zeker na heftige ervaringen”

Dat gebeurt ook echt, natuurlijk! Militairen zijn binnen hun eenheid voortdurend met van alles bezig, ze hebben een opdracht uit te voeren. Maar ergens – en dat weten ze zelf ook – hebben ze ook behoefte aan menselijke aandacht, en daar zijn wij voor. Ik heb in Afghanistan midden in de nacht in een wachttoren urenlang met iemand gesproken die zijn ziel en zaligheid blootlegde. Van daaruit probeer je dan een verbinding te leggen met het Evangelie en iemand bijvoorbeeld uit te dagen ook eens in de Bijbel te lezen. En als het vertrouwen gegroeid is, kunnen we zelfs samen bidden, bijvoorbeeld om vergeving.

Wie er vervolgens solidair is met de aalmoezenier? (Lacht) Christus zelf. Dat is écht mijn antwoord. Je bent vaak alleen op weg, dus je moet een gebedsleven hebben, en een geestelijk leidsman die je kunt bellen. Voor mij was bidden op uitzending een uitlaatklep, zeker na heftige ervaringen. Van Johannes XXIII zeggen ze dat hij de eerste twee nachten als paus niet kon slapen van de zorgen. De derde nacht ging hij naar een kapel en zei: ‘Heer, het is uw Kerk, niet de mijne. Ik ga slapen, welterusten.’ Zo werkt dat voor mij ook: ‘U moet het doen Heer, want ik sta met lege handen.’

Onze samenleving is te weinig solidair met onze militairen. Vaak komt dat door onwetendheid. In Afghanistan vroeg de commandant mij een wapen te dragen, maar dat weigerde ik. Hij legde een pistool op tafel: ‘Ter zelfverdediging, je weet hoe je het moet gebruiken.’ Dan besef je dat je in een oorlogssituatie zit. Dat gevoel is niet uit te leggen aan wie daar niet was, maar de maatschappij mag er wel meer oog voor hebben. Of ik zou hebben geschoten? Zelfverdediging mag, maar ik ben blij dat ik dat nooit heb hoeven doen.”

Wat is katholiek sociaal denken?

Het katholiek sociaal denken, ook wel ‘de sociale leer van de Kerk’ genoemd, is het kerkelijk denken over wat goed samenleven is en hoe een goede samenleving er uitziet. Sinds Rerum Novarum (1891) krijgt dit denken ook gestalte in een serie pauselijke encyclieken – de meest recente is paus Franciscus’ ‘broederschapsencycliek’ Fratelli Tutti (2020). In deze serie staan vier begrippen centraal die uit dit denken voortvloeien: menselijke waardigheid, solidariteit, het algemeen welzijn en subsidiariteit (het idee dat het goed is om dingen op het laagst mogelijke niveau te regelen).

Subsidiariteit

“In de krijgsmacht heeft elke geleding zijn eigen verantwoordelijkheden. Een commandant kan bepalen waar er een brug moet komen, maar hij heeft zijn ondergeschikten nodig die weten hoe je zo’n ding daadwerkelijk bouwt. Het lijkt op Paulus’ beeld van de Kerk als lichaam, waarin de ledematen weliswaar allemaal hun eigen taak hebben, maar niet zonder elkaar kunnen. Zo werkt dat voor mij met mijn aalmoezeniers ook: ieder moet zijn eigen taak vervullen, zodat we samen namens de Kerk Christus bij de militairen present kunnen stellen.”

Dit artikel is onderdeel van het project Katholiek Doen i.s.m. Verband van Katholieke Maatschappelijke Organisaties VKMO. Lees hier alle interviews in deze serie.

https://www.kn.nl/abonnementen/

Een traditie van eeuwen tegenover de waan van de dag

In een wereld waarin alles voortdurend verandert en onder druk staat, is katholieke kwaliteitsjournalistiek een uniek en kostbaar goed. Op KN.nl heeft u altijd toegang tot het laatste nieuws uit kerk en samenleving, en vindt u uitgebreide reportages en verhelderende analyses van onze gespecialiseerde redacteuren.

Voor maar € 1,40 per week leest u altijd als eerste al het moois dat KN.nl te bieden heeft, heeft u online onbeperkt toegang tot al onze artikelen én steunt u het voortbestaan van de laatste katholieke krant van Nederland.

Dus geef om katholieke kwaliteitsjournalistiek en word lid van KN Online.